Tabari
Back to surah 7, ayah 153

Tafseer of The Heights · Al-A'raaf · 7:153

وَٱلَّذِينَ عَمِلُوا۟ ٱلسَّيِّـَٔاتِ ثُمَّ تَابُوا۟ مِنۢ بَعْدِهَا وَءَامَنُوٓا۟ إِنَّ رَبَّكَ مِنۢ بَعْدِهَا لَغَفُورٌۭ رَّحِيمٌۭ

But those who committed misdeeds and then repented after them and believed - indeed your Lord, thereafter, is Forgiving and Merciful.

Tabari (1 passage)

  1. Full Dutch translation of Tabari's text

    De uitleg van Zijn woord: وَالَّذِينَ عَمِلُوا السَّيِّئَاتِ ثُمَّ تَابُوا مِنْ بَعْدِهَا وَآمَنُوا إِنَّ رَبَّكَ مِنْ بَعْدِهَا لَغَفُورٌ رَحِيمٌ (7:153) (En degenen die de slechte daden bedreven, en daarna berouw toonden en geloofden — voorwaar, uw Heer is daarna inderdaad Vergevingsgezind, Barmhartig.)

    Abū Jaʿfar zei: Dit is een bericht van Allah, de Verhevene wiens lof is genoemd, dat Hij van iedere berouwvolle die tot Hem terugkeert van een zonde die hij begaan heeft — of zijn ongehoorzaamheid nu klein was of groot, of het nu ongeloof (kufr) was of iets anders dan ongeloof — diens berouw aanvaardt, zoals Hij van de aanbidders van het kalf hun berouw aanvaardde na hun ongeloof daaraan door hun aanbidding van het kalf en hun afvalligheid (irtidād) van hun religie. De Verhevene, wiens lof is genoemd, zegt: en degenen die de slechte daden bedreven, en daarna terugkeerden tot het zoeken van Allahs welbehagen door hun inkeer naar datgene wat Hij liefheeft, weg van wat Hij verafschuwt, en naar datgene waarmee Hij tevreden is, weg van wat Hem vertoornt, na hun slechte daden — en zij geloofden dat Allah het berouw van de zondaars aanvaardt en Zich genadig wendt tot wie zich inkeren, met oprechtheid van hun harten en zekerheid van hun kant daarover — = "is inderdaad Vergevingsgezind" jegens hen, Hij zegt: bedekkend over hen hun slechte daden en hen daarmee niet te schande makend = "Barmhartig" jegens hen, en jegens ieder die als zij behoort tot de berouwvollen.

    Show original Arabic
    القول في تأويل قوله : وَالَّذِينَ عَمِلُوا السَّيِّئَاتِ ثُمَّ تَابُوا مِنْ بَعْدِهَا وَآمَنُوا إِنَّ رَبَّكَ مِنْ بَعْدِهَا لَغَفُورٌ رَحِيمٌ (153) قال أبو جعفر: وهذا خبر من الله تعالى ذكره أنه قابلٌ من كل تائب إليه من ذنب أتاه، صغيرةً كانت معصيته أو كبيرةً, كفرًا كانت أو غير كفر, كما قبل من عَبَدة العجل توبتهم بعد كفرهم به بعبادتهم العجل وارتدادهم عن دينهم. يقول جل ثناؤه: والذين عملوا الأعمال السيئة، ثم رجعوا إلى طلب رضى الله بإنابتهم إلى ما يحب مما يكره، وإلى ما يرضى مما يسخط، من بعد سيئ أعمالهم, وصدَّقوا بأن الله قابل توبة المذنبين، وتائبٌ على المنيبين، بإخلاص قلوبهم ويقين منهم بذلك= " لغفور "، لهم, يقول: لساتر عليهم أعمالهم السيئة, وغير فاضحهم بها= " رحيم "، بهم, وبكل من كان مثلهم من التائبين. (30) -------------------- الهوامش : (30) (1) انظر تفسير ألفاظ هذه الآية في فهارس اللغة .