Tafseer of The Moon · Al-Qamar · 54:18
'Aad denied; and how [severe] were My punishment and warning.
Uitleg van het woord van de Verhevene: كَذَّبَتْ عَادٌ فَكَيْفَ كَانَ عَذَابِي وَنُذُرِ ("ʿĀd loochende; hoe was dan Mijn bestraffing en Mijn waarschuwingen?") (18)
Hij, verheven is Zijn vermelding, zegt: ook ʿĀd loochende hun profeet Hūd ﷺ in datgene waarmee hij van Allah tot hen was gekomen, evenals het volk van Nūḥ had geloochend, en evenals jullie, o gemeenschap van de Quraysh, jullie profeet Muḥammad ﷺ en al Zijn boodschappers hebben geloochend. فَكَيْفَ كَانَ عَذَابِي وَنُذُرِ ("hoe was dan Mijn bestraffing en Mijn waarschuwingen?"); hij zegt: kijk dan, o gemeenschap van de ongelovigen van de Quraysh aan Allah, hoe Mijn bestraffing van hen was, en Mijn afstraffing van hen voor hun ongeloof aan Allah en hun loochening van Zijn boodschapper Hūd, en Mijn waarschuwing door wat Ik met hen deed, aan eenieder die hun paden bewandelt en die in dezelfde toestand verkeerde als waarin zij verkeerden, namelijk het volharden in verdorvenheid en dwaling.