Tafseer of Mary · Maryam · 19:66
And the disbeliever says, "When I have died, am I going to be brought forth alive?"
De Verhevene zegt: وَيَقُولُ الإنْسَانُ (en de mens zegt) — de ongelovige (kāfir) die de opstanding na de dood niet gelooft: "Zal ik levend worden voortgebracht, en na de dood en na het vergaan en het tenietgaan worden opgewekt?" — dit als ontkenning daarvan.